Vergelijking met buurlanden: hoe verschillend is Nederland?
Dit stuk hoort bij onze pillar Sex-positiviteit in Nederland in 2026 en biedt een beknopte vergelijking tussen de Nederlandse regulering van sekswerk en die in vier vergelijkbare landen: Duitsland, België, Frankrijk en Zweden. Het doel is contextueel: voor Nederlanders die internationaal reizen en voor internationale lezers die de Nederlandse positie willen begrijpen.
Wij geven geen normatief oordeel over welk model "beter" is — dat is een politieke en ethische vraag die ver buiten onze taak als platform valt. Wat wij wel doen is beschrijven wat de feitelijke wettelijke en praktische situatie is per land, in 2026.
Nederland: regulering met legaliteit
Nederland hanteert sinds 2000 een legale-regulering-aanpak. Hoofdkenmerken:
- Legaal: Sekswerk is een regulier beroep voor zelfstandigen vanaf 21 jaar.
- Gereguleerd: Vergunningplicht voor commerciële sekslocaties (bordeel, club, raamprostitutie). Geen vergunningplicht voor zelfstandige aanbieders zonder commerciële locatie.
- Niet-strafbaar voor cliënten: Cliënten van een meerderjarige, vrijwillig werkende aanbieder zijn niet strafbaar.
Voor een uitgebreide behandeling zie onze pillar Escortwerk en de Nederlandse wet.
Duitsland: regulering met legaliteit, andere implementatie
Duitsland heeft sinds 2002 sekswerk gelegaliseerd via de Prostitutiongesetz; in 2017 is het Prostituiertenschutzgesetz (ProstSchG) ingevoerd dat aanvullende regelgeving bracht.
Hoofdverschillen met Nederland:
- Verplichte registratie. Duitse aanbieders moeten zich landelijk registreren en een "Hurenausweis" (officieel: Anmeldebescheinigung) ontvangen. Dit is in 2026 nog steeds een controversieel punt; sekswerk-organisaties argumenteren dat het registratiesysteem aanbieders kwetsbaarder maakt voor stigmatisering.
- Verplichte gezondheidsadvies. Aanbieders moeten verplichte gezondheidsconsulten ontvangen voordat zij werken. In Nederland is dit niet verplicht (wel beschikbaar via Soa Aids Nederland).
- Cliënten niet strafbaar. Net als in Nederland.
Het Duitse model staat dichter bij Nederland dan de meeste andere landen, maar de bureaucratische lasten zijn aanmerkelijk hoger. Voor Nederlandse aanbieders die overwegen om in Duitsland te werken is dit een belangrijke factor.
België: gefragmenteerd, sinds 2022 federaal gewijzigd
België heeft een complexere situatie. Sekswerk was tot 2022 gedoogd maar niet expliciet gelegaliseerd. Een wetswijziging in 2022 heeft sekswerk officieel uit het Strafwetboek gehaald (gederiminaliseerd). Implementatie verloopt nog steeds:
- Federaal: Sekswerk is sinds juni 2022 niet langer een misdaad. Aanbieders kunnen zich officieel inschrijven als zelfstandig sekswerker.
- Gemeentelijk: Per gemeente verschilt of vergunningplicht voor commerciële locaties geldt. Antwerpen, Brussel en Luik hebben elk eigen regels.
- Klantkeuze: Cliënten zijn niet strafbaar.
Voor een Nederlander die naar België reist betekent dit dat de juridische basis vergelijkbaar is, maar de praktische implementatie minder gestandaardiseerd. In 2026 is België ergens halverwege Nederland en Duitsland qua bureaucratische intensiteit.
Frankrijk: Nordic-model sinds 2016
Frankrijk heeft sinds april 2016 het Nordic-model. Hoofdkenmerken:
- Aanbieders niet strafbaar. Het uitvoeren van sekswerk is niet strafbaar.
- Cliënten wel strafbaar. Het kopen van seksuele diensten is een overtreding (€1.500 boete eerste keer, €3.750 bij herhaling).
- Geen vergunningenstelsel zoals in Nederland of Duitsland — er is geen werkkader om aanbieders in te plaatsen.
In de praktijk heeft dit het werk voor aanbieders aanmerkelijk moeilijker gemaakt. Aanbieders moeten in onveiligere omstandigheden werken (snelle, niet-gescreende afspraken om de cliënt te beschermen tegen aanhouding). Onderzoek door MdM (Médecins du Monde) heeft sinds 2018 een toename van geweld tegen aanbieders gerapporteerd in Frankrijk.
Voor een Nederlandse aanbieder die overweegt naar Frankrijk te reizen voor werk: dat is in 2026 niet aan te raden. De juridische context creëert risico's die niet evenredig staan tot de potentiële opbrengst.
Zweden: het oorspronkelijke Nordic-model
Zweden hanteert sinds 1999 het Nordic-model en is de "moederlandvariant":
- Aanbieders niet strafbaar.
- Cliënten wel strafbaar. Sinds 1999 is het kopen van seks een misdrijf.
- Bemiddeling strafbaar. Het exploiteren of regelen van een afspraak voor anderen is verboden.
Zweden heeft het langste track record van het Nordic-model en is internationaal vaak aangehaald als bewijs voor de werkbaarheid van het model. Onafhankelijke onderzoekers (zoals Petra Östergren en de Lund University-onderzoekers) hebben in latere jaren echter kritiek geuit op het beweerde succes; ze argumenteren dat de model-claims overdreven zijn en dat de onderliggende data minder eenduidig zijn dan de Zweedse overheid stelt.
Voor een Nederlandse aanbieder is werken in Zweden — net als in Frankrijk — in 2026 niet realistisch.
Vergelijkingstabel (samengevat)
| Land | Aanbieder | Cliënt | Bemiddeling | Vergunning |
|---|---|---|---|---|
| Nederland | Legaal (21+) | Niet strafbaar | Vergunning vereist | Per gemeente |
| Duitsland | Legaal, registratie verplicht | Niet strafbaar | Vergunning vereist | Federaal-en-gemeentelijk |
| België | Gederiminaliseerd (2022) | Niet strafbaar | Per gemeente verschillend | Gemeentelijk |
| Frankrijk | Niet strafbaar | Strafbaar (€1.500+) | Strafbaar | n.v.t. |
| Zweden | Niet strafbaar | Strafbaar | Strafbaar | n.v.t. |
Wat dit voor cliënten betekent
Voor cliënten die internationaal reizen:
- Nederland: Geen juridische zorgen mits de aanbieder meerderjarig en vrijwillig werkt.
- Duitsland: Vergelijkbaar met Nederland qua cliëntpositie.
- België: Vergelijkbaar maar met grotere variatie per gemeente.
- Frankrijk: Cliënten lopen risico op een boete. Dit is geen retorische zorg; in 2026 zijn er sinds 2016 meer dan 12.000 boetes uitgeschreven.
- Zweden: Cliënten lopen vergelijkbaar risico.
Wat dit voor aanbieders betekent
Voor zelfstandige aanbieders die overwegen om internationaal te werken:
- Duitsland: Werkbaar maar met aanzienlijke administratieve lasten.
- België: Sinds 2022 werkbaar; minder bureaucratie dan Duitsland.
- Frankrijk en Zweden: Niet realistisch om als reguliere werkomgeving te beschouwen.
- Andere EU-landen: Per land verschillend; dit overzicht is niet uitputtend.
Wat de toekomst kan brengen
Op EU-niveau is in 2025 een voorstel voor een Richtlijn over commerciële seksuele uitbuiting gepubliceerd dat lidstaten zou kunnen verplichten om bepaalde elementen van het Nordic-model over te nemen. Deze richtlijn is in 2026 nog niet aangenomen. Mocht hij worden aangenomen — en dat is een grote "indien" — kan dat in alle EU-lidstaten effecten hebben, ook Nederland.
In Nederland is daarnaast de Wet Seksuele Dienstverlening (WSD) in voorbereiding als opvolger van de WRP. Of en wanneer deze wet wordt aangenomen is nog onzeker per begin 2026.
Verder lezen
- Sex-positiviteit in Nederland in 2026 (de pillar)
- Escortwerk en de Nederlandse wet — de Nederlandse regulering in detail
- European Sex Workers' Rights Alliance — voor internationaal beleid en aanbiedersrechten